Ik ben toch niet gek

“Zo, u komt voor de medicijnen?”

“Ik zal me eerst even voorstellen.”

“Zes pilletjes toch?”

“Ik zal even kijken.”

“Belachelijk eigenlijk, dat jullie die dingen mee moeten brengen. Alsof ik achterlijk ben.”

“U heeft gelijk. Ik heb ze alleen niet bij me.”

“U heeft ze niet bij zich?”

“Gaat het wel goed met dit vogeltje, hij is voor de helft kaal?”

“Heeft u ze echt niet?”

“Geeft u hem wel te eten?”

“En nu?”

“Zo heeft hij niet lang meer te leven hoor.”

“Die parkiet heb ik gekregen, ik krijg altijd de afdankertjes.”

“Eet u zelf wel?”

“Hoezo?”

“Moet u horen, er is wat bezorgdheid omtrent uw geheugen. Wist u dat u vanmiddag een afspraak heeft met iemand van Parnassia?”

“Natuurlijk, wilt u koffie?”

“Lekker”

Mevrouw staat op en loopt richting de keuken. Het duurt even.

“Doe maar gewoon zwart hoor!”

… geen gehoor.

“Mevrouw?”

Niks. Ik sta op en loop naar de keuken. Niemand.

“Mevrouw!”

Een korte zoektocht door het huis levert niks op. Ook in de trappengang is het stil en op straat is het uitgestorven. Dit is echt bizar. Ik besluit contact op te nemen met de familie.

“Uw moeder is verdwenen.”

De politie wordt ingeschakeld en een zoektocht wordt op poten gezet. Maar na een half uur belt de politie al terug. Mevrouw is op eigen initiatief naar het bureau gelopen om aangifte te doen. Haar verklaring: “Ik ben toch niet gek. Ik laat me niet opnemen.”

Er was nooit sprake van eventuele opname. Tot vandaag.

Autour de Guzet (Ariège/Pyrénées)
Parnassia palustris

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.