Internetdaten

Internetdaten

“Nee, maar zo gaat het al mijn hele leven. Wat denk je van mijn ex, wat voor een botte lul dat was? Hoe vaak heb ik niet aan moeten horen dat er weer één of andere dame nasi was blijven eten waarna ikzelf hun lippenstift van mijn glazen moest wassen. Wat een engerd. Ik ben wat blij dat ik eindelijk van hem af ben. Ik vraag me af waarom ik sindsdien nooit eens een leuke vent heb ontmoet. Het is me blijkbaar niet gegund. Wie valt er ook op een half gehandicapte met een scootmobiel? Bij de mannen die ik in kroegen ontmoet mag ik alleen maar op audiëntie komen. Laten zien wat ik nog wél kan. Waar ontmoet ik tegenwoordig nog een normale vent die niet getrouwd is?”

“Misschien is internetdaten iets voor u,” antwoord ik bloedserieus. “Ik heb vriendinnen die daaraan doen en wat ik daarvan hoor is helemaal verschrikkelijk. Die ontmoeten mannen die ze dwingen om zich tot travestiet te verkleden waarna ze van achteren worden genomen. Gewoon omdat ze liever een vent dan een vrouw hebben. Eén keer heb ik me ondanks hun verhalen toch laten overhalen tot een date. Het ging al meteen fout in het café waar we afspraken. Hij ging even naar de wc en opeens was op mysterieuze wijze mijn tasje verdwenen. Eenmaal bij die vent thuis stond er alleen maar porno op en toen hij wat te drinken voor me ging inschenken, kwam hij terug met hoorntjes op z’n hoofd in een latex pak waar z’n piemel uit bungelde en had hij een paardenbit in z’n rechterhand. Weet je wat het is jongen?”, en mevrouw lijkt even uit haar nachtmerrie te stappen, “jij bent gewoon veel te naïef. Jij denkt dat het leven over rozen gaat. En ik neem het je niet kwalijk ook. Jij met je lieve vrouw en jullie kind geboren vanuit liefde. En alles wat maar op je pad komt. Het komt je allemaal aanwaaien. Jij bent gewoon een zondagskind.”

“Waarom zoekt u het niet bij een getrouwde man?”, vraag ik zonder eigenlijk bij deze woorden na te denken. Mevrouw is nu stil, ik voel een verandering in de pessimistische sfeer die om haar heen hangt. De zwaarmoedigheid verdwijnt uit haar ogen en ze dooft een halfopgerookte sigaret in de asbak. Ze pakt een dropje uit het dropjesbakje op de salontafel en werpt een vluchtige blik, recht in mijn ogen. Langzaam kauwt ze op het kokindje dat ze zojuist zeer bedachtzaam in haar mond stak. Spaansbenauwd dekt niet de lading voor het zweet dat bij me uitbreekt.

“Ik moest maar weer eens gaan mevrouw,” stamel ik . Ik ben wellicht redelijk naïef, maar toch zeker niet bleu. In mijn vrijgezellenleven heb ik tamelijke wat bizarre escapades meegemaakt. Maar een ritje op een scootmobiel met een half gehandicapte vrouw van tegen de tachtig? Misschien is internetdaten zo slecht niet, mocht het ooit nog nodig zijn.

Ook over deze mevrouw: “Je zal het maar meemaken”