Jonkvrouw III

Jonkvrouw

“Hoe gaat het met u?”

“Wil je het echt weten?”

“Ja.”

“Nou ik heb weer veel pijn aan m’n benen.”

“Hoe komt dat?”

“Door die wondjes, dat weet je toch.”

“Ja sorry, ik heb u al een tijdje niet gezien. Hoe gaat het verder?”

“Gisteren bracht ik wat kleding naar een tweedehands winkeltje. Die vrouw wilde mijn kleren niet omdat er volgens haar gaatjes in zaten. Dat liet ze me duidelijk weten terwijl er nog meer mensen in die winkel waren. Ik voelde me zo gekrenkt. Want je weet dat als ik ergens aandacht aan besteed dan is het kleding en er zaten echt geen gaatjes in.”

“Nee, dat is niet leuk. Had u ze niet over het hoofd gezien, die gaatjes.”

Mevrouw kijkt me venijnig aan.

“Nee, dat kan niet.”

“Hoe gaat het met uw zoon?”

“Slecht. Hij is nu al een tijdje met dat meisje en het wil maar niet tot haar doordringen dat hij zich niet wil binden.”

“Nee?”

“Hij heeft er gewoon geen tijd voor. Hij heeft zijn muziek en zijn eigen zaak. Die vorige die zat hem ook veel teveel op de huid. Het is een jongen die je vrij moet laten. Hij wil nergens rekening mee hoeven houden. Als hij om acht uur s’avonds thuis wil komen of om tien of om elf uur, dan moet dat niet uitmaken…”

Ik kijk ondertussen even op mijn telefoon en sta dan voorzichtig op. “Zal ik vast even de afwas voor u doen.”

Mevrouw gaat verder met haar verhaal terwijl ik het water in de wasbak laat lopen.

“… Hij mist alleen wel die …”

“Sorry, wat zegt u?”

“Hij mist die kinderen,” zegt ze geïrriteerd.

“Kinderen?”

“Ja, ze heeft toch die twee dochters. Luister je godverdomme wel naar wat ik zeg.”

“Sorry?”

“Je hoort me donders goed.”

“Je hoeft niet zo te schelden en ook zeker niet tegen me te schreeuwen!”

“Ik bepaal godverdomme zelf wel wat ik doe hier in mijn eigen huis. Rot anders gewoon op!”

Ik laat de afwas voor wat hij is. Met verhoogde hartslag vul ik de rapportage in.

De dag erna krijg ik te horen dat mevrouw een klacht tegen me heeft ingediend. Mijn manager laat per e-mail aan me weten dat ze me zo snel mogelijk wil spreken.

De afspraak laat vervolgens drie maanden op zich wachten. In die tijd probeer ik te bedenken wat mevrouw gezegd zou kunnen hebben. Vond ze me onbeleefd? Verhief ik mijn stem? Liet ik haar afwas staan? Hoe erg kon de aanklacht zijn?

Uiteindelijk spreek ik mijn leidinggevende. Mevrouw heeft haar verteld dat ze me te gelukkig vindt. Ik praat alleen maar over mijn gelukkige gezinnetje en over hoe alles mij altijd maar voor de wind gaat. Als ze zich rot voelt, luister ik nooit echt naar haar. Zij voelt zich door mij alleen nog maar depressiever dan ze al is, zegt ze. Ze wil dan ook niet dat ik nog langer bij haar over de vloer kom.

Laatst stond ik per ongeluk toch weer voor haar deur.

“Hoe gaat het?”

“Laten we het daar maar niet over hebben hè.”

“Door een foutje in de planning sta ik hier. Maar ik dacht, dan zien we elkaar toch weer eens even.”

“Het is al goed hoor jongen. Ik vergeef het je.”

Jonkvrouw deel I en deel II zullen verschijnen in mijn debuutbundel. Alle geselecteerde verhalen zijn inmiddels geredigeerd. Momenteel wordt er gewerkt aan een dummy van het boek. De komende tijd hoop ik je al wat prijs te kunnen geven van de vormgeving en kan ik wellicht wat illustraties laten zien.