Schattige oude dametjes

“Niet schrikken hoor”, zegt mevrouw als ik de woonkamer binnenstap.

Mevrouw zit in haar stoel met een groot formaat maandverband tegen het bloeden. Het was niet dat het bloed eruit gutste, althans niet op dat moment. Wanneer ik een rondje door het huis loop zijn er wel overal sporen te ontwaren. Rode vegen op de lakens, nog twee stuks volgezogen vrouwenkussentjes en een troebel badje in de wastafel met washandjes die ook in de strijd zijn gegooid. Ik heb met mevrouw te doen.

“Hoe gaat het nu met het wondje op uw arm?”

“Ja het gaat wel beter geloof ik. Snap jij nou hoe zoiets ineens komt?”

“Ik denk dat u toch het korstje eraf heeft gekrabd, misschien wel in uw slaap”, zeg ik, terwijl ik het met bloed geabsorbeerde maandverband van haar bovenarm lostrek.

“Ik moet zeggen dat ik vannacht wel enorm heb gedroomd. Ik droomde dat ik in een hutje zat in het bos en in dat hutje stonden al mijn meubels. Hoe verzin je ’t hè? En plotseling kwamen er drie oude dametjes voorbij lopen, ze waren verdwaald. Ik zei dat ze wel even hier naar binnen mochten komen voor een kopje thee. Het was erg gezellig en het werd later en later. Toen het donker was geworden bood ik ze aan om hier op de bank te blijven slapen.”

“Alle drie op deze twee banken?”

“Nee, het waren er twee. Eentje op de bank waar jij nu zit en eentje op deze bank. Ik lag in de stoel waar ik nu ook zit, die kan je helemaal naar achter doen. Alleen mijn moeder was het er niet mee eens. Die vroeg hoe ik het in mijn hoofd kon halen om drie vreemde mensen in mijn huis te halen. Maar wat kunnen zulke schattige oude dametjes nou aanrichten?”

“Het waren toch twéé dametjes?”

“Ja, maar op een gegeven moment kwam ook die grote collega van jou langs om mijn veters te strikken. Kijk, ze zijn nog steeds gestrikt.”

“Dat moet toch wel een erg realistische droom zijn geweest. Als zelfs uw schoenen in die nacht zijn aangedaan, en dat de veters nu nog steeds gestrikt zijn. Kunt u zich niet nog meer herinneren van die nacht?”

“Ja, nou je het zegt. Eén van die schattige dametjes ging zitten breien. Toen ze op een gegeven moment een paar steken achter elkaar had laten vallen, werd ze pisnijdig. Uit pure frustratie stak ze het andere dametje met een breinaald overhoop en ging daarna mij te lijf. Ze had me één keer goed te pakken alvorens jouw collega ingreep. Nu ik er zo over nadenk had mijn moeder toch gelijk. Ik had die twee dametjes nooit binnen mogen laten.”

Eenmaal terug op kantoor vroeg ik de desbetreffende collega om opheldering. Hij zei gisteravond bij mevrouw geweest te zijn voor haar medicatie. Van één nieuw geleverd pilletje wist hij echter niet zeker of deze ook ’s avonds gegeven diende te worden. Verder kon hij zich herinneren dat hij één van zijn schoenveters opnieuw moest strikken. Oude dametjes had hij niet gezien, op mevrouw na. Ze was opvallend stil, in gedachten verzonken en keek maar wat voor zich uit.

Eén gedachte over “Schattige oude dametjes”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.