Scootmobiel

Scootmobiel

“Zullen we vandaag de scootmobiel pakken?”
“Wat denk je?”
“Waarom niet, u heeft hem toch niet voor niets.”
“Ja dat is ook zo. Maar van mijn dochter mag ik er niet meer op omdat ik vorige keer door rood reed.”
“Ja, maar nu ben ik er toch bij.”
“Zeg jij het maar dan.”

Het ding staat zeker al een jaar ongebruikt in haar achtertuin. Ik neem plaats, steek de sleutel in het contact en hoor de accu ronken. Ik verheug me op het avontuur. Het is niet zo dat ik er alle vertrouwen in heb, maar veel zin om 115 kilo vooruit te duwen heb ik ook niet. Na mijn vorige wandeling met mevrouw in de rolstoel zat ik ver over mijn tijd heen. Dat lag niet alleen aan haar gewicht, maar ook aan de drang om deze op peil te houden. Eerst een saucijzenbroodje halen bij de cafetaria, vervolgens een pond paling bij de visboer, een tros bananen bij de groenteman en op de terugweg nog even langs de kruidvat om haar ronde toet met allerlei cosmetica te kunnen maskeren.

“Voelt het alsof u er controle over heeft?”, vraag ik als we eenmaal onderweg zijn. Mevrouw wijkt steeds verder af richting stoeprand. “Ja, gaat prima, het is net als autorijden.” Dat haar rijbewijs niet is verlengd mag voor zich spreken. Ik loop naast mevrouw en trek af en toe wat aan het stuur om de scootmobiel op de stoep te houden. Als we in het winkelgebiedje zijn laat ik haar voorzichtig even los. Ze manoeuvreert zich wonderbaarlijk tussen een boom en een reinigingsauto door. Misschien pikt ze het toch goed op. Ik begin er steeds meer vertrouwen in te krijgen en mevrouw kennelijk ook. Ze koerst nu namelijk regelrecht op de kruidvat af. “Ik moet hier even naar binnen. Ik heb wat nagellak nodig,” zegt mevrouw alsof het een routine klusje gaat worden.

Uiteraard heb ik over deze operatie sterk mijn twijfels. Helaas ben ik niet zo resoluut als mijn vrouwelijke collega’s en voor ik mevrouw kan tegenhouden staat ze al tussen de beveiligingspoortjes. “Heel voorzichtig aan doen hè,” zeg ik nog. Vanaf dit punt heb ik geen controle meer over mevrouw. De gangen in deze winkel zijn immers zo smal dat ik er onmogelijk naast kan blijven lopen. Dus, daar gaat ze! De eerste bocht is het meteen raak, vol gas het schap in. Remmen ho maar, mevrouw gast gewoon door alsof er nog een heel gangpad achter de tegen-de-muur-gestalde-voedingsupplementen zou liggen.

De schade blijf gelukkig beperkt. Alleen de plastic strook met de prijzen erop ligt op de grond. Het gezichtsverlies dat ik lijd is erger. De hele winkel kijkt naar ons terwijl ik mevrouw uit het schap verlos. Ik moet zowat bij mevrouw op schoot klimmen om haar door het nauwe gangpad terug te loodsen. Alsof dit tafereel niet al voldoende aandacht trekt, gaat het achteruitrijden van een scootmobiel gepaard met een regelmatige pieptoon. Zoals bij vrachtwagens. Pas na een tocht van vijf minuten staat mevrouw weer tussen de beveilingspoortjes. Eén van de klanten die het hele schouwspel heeft gadegeslagen, vraagt: “Heeft u vroeger soms geen auto leren rijden?”

Het blijft stil vanuit de scootmobiel. Als ik opkijk zie ik dat de stem afkomstig is van een vrouw van minstens nog tien jaar ouder dan mijn cliënt. Ze kijkt mij misprijzend vanachter haar rollator aan. Haar vraag blijkt niet gericht aan mevrouw, maar aan deze ongelukkige broeder.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.