Seksueel gefrustreerd

“Irritant, die knoopjes vallen steeds weer open.”

“Ja voor mij is het ook irritant,” zeg ik terwijl ik een glimp van een tepel probeer op te vangen. Ze knoopt haar nachtjapon dicht.

Ze zit met onze twee dochters op schoot. Met de oudste maakt ze een vlinder van kralen. De jongste lacht overdreven naar me terwijl ze op en neer beweegt van enthousiasme.

Ik weet nog in Portugal dat ze de afwas deed in een jurkje dat eindigde in een halve maan rond haar billen. Ik kon mijn ogen er niet vanaf houden. Stilletjes kropen we onder de klamboe terwijl onze dochter in het campingbedje ernaast lag te slapen.

“Hier, neem jij deze even.” Ze overhandigt de baby. Als ze nou allebei gaan slapen, is het enige wat ik denk. “Volgens mij is ze moe,” zeg ik kijkend naar het hoopje ellende bij mijn vrouw op schoot.

Haar knoopjes zijn weer open.

“Ik maak wel een fles voor deze gek hier.”

“Ja is goed, ik ga wel even met haar op bed liggen. Misschien dat zij dan ook in slaap valt.”

Gelukkig denk ik, we zitten op dezelfde lijn.

Na de fles valt de baby meteen in slaap. Voorzichtig leg ik haar weg en godzijdank, ze blijft stil. Mijn andere dochter blijft daarentegen hoesten en snotteren naast mijn vrouw in een veel te klein bedje. Als ik even naar binnen spiek, kijkt ze me door haar waterige ogen glazig aan.

Toen ik nog in Amsterdam woonde hadden we dronken seks. s’ Ochtends werkte ik drie uurtjes in de thuiszorg, als ik thuiskwam lag zij nog in mijn bed. Dan deden we het weer, ik was nuchter. ’s Middags verveelden we ons.

Mijn vrouw komt verwilderd de kamer binnen. Ze heeft anderhalf uur naast het zieke meisje gelegen en was zelf ook in slaap gevallen. Als ik mijn handen op haar billen wil leggen, slaat zij ze weg. “Grey’s Anatomy begint zo.”

“Wat?”

“Ja wat dacht je? Dat nu ik klaar ben met die kinderen, ik me meteen om jou ga bekommeren?”

M’n hartslag piekt. Scenario’s schieten door mijn hoofd. Wat moet ik doen? Iets kapot maken? Vluchten? Maar waar naartoe. Ik kies uiteindelijk voor een boek in bed. Een kutboek, blijkt. Eigenlijk wacht ik nog steeds.

Als ze bij me in bed kruipt. Valt er wat van me af. Eindelijk.

“Waarom nu weer niet?”

“Je weet toch dat ik morgen moet werken en bovendien is het al veel te laat.”

Er ontstaat een discussie, maar ik hou me in, want ik wil het nog steeds niet opgeven. Tot de baby begint te krijsen. Ik veer uit bed en uit pure wanhoop sla ik op deuren en gooi zomaar wat rotzooi zomaar wat kanten op. Dan wil ik naar die kleine lopen, maar nu veert zij op. “Jij gaat haar zo niet pakken.”

Ik trek mijn jas aan, pak een biertje uit de koelkast en loop de tuin in. Terwijl ik een sigaret opsteek loopt zij met de baby in haar armen de kamer in. Stilletjes zitten ze samen. Mijn dochter met twee vingers in haar mond. Langzaam kalmeer ik.

“Het is koud,” zeg ik als ik weer binnen stap.

Ik eindig op de bank met mijn dochter. Ze kijkt me met haar grote ogen aan. Je moet er een hoop voor opgeven, maar gelukkig krijg je er zoveel voor terug.